Home > De Workshops > Klimaat en Energie

Klimaat en energie

In de geïndustrialiseerde landen werd de evolutie tijdens de 20ste eeuw gekenmerkt door een toename van het materiële welzijn, waarin energie een belangrijke rol heeft gespeeld. Deze transformaties hebben geleid tot consumptie- en productiemethodes gebaseerd op een groter assortiment toestellen die (vooral fossiele) energie verbruiken.

Het gebruik van fossiele brandstoffen is verantwoordelijk voor een groot deel van de luchtvervuiling en de klimaatverandering. De toenemende uitputting van de voorraden fossiele brandstoffen is bovendien één van de redenen voor de prijsstijgingen van deze energiebronnen.

Het klimaat maakt deel uit van onze milieurijkdommen. De toename van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer is de oorzaak van de opwarming van ons klimaat (0,74 °C tussen 1906 en 2005). Deze snelle toename van concentraties broeikasgassen is te wijten aan menselijke activiteiten, in hoofdzaak het stijgend gebruik van fossiele brandstoffen.

In functie van het gevoerde beleid om de uitstoot van broeikasgassen te doen verminderen, zullen de gevolgen op lange termijn van de opwarming van de Aarde (van 1,1 naar 6,4 °C tijdens de 21ste eeuw) min of meer uitgesproken zijn: een stijging van het zeeniveau, drinkwatertekorten, een uitbreiding van de gebieden waarin bepaalde ziekten voorkomen, vaker voorkomende en meer intense natuurrampen, een impact op de biodiversiteit, een impact op de landbouw en op de voedselproductie, de daaruit voortvloeiende migratiestromen, enz. Naast deze milieuschade heeft het Stern-rapport aangetoond dat de kost voor het "niet reageren” de wereldeconomie zwaar zou schaden.

Tijdens de Europese Raad in maart 2007 heeft de Europese Unie een akkoord bereikt over de doelstellingen, genaamd de "doelstellingen 20-20-20%". De Europese Unie is de verbintenis aangegaan om tegen het jaar 2020 20% van haar energiebehoeften te dekken met hernieuwbare energiebronnen, om haar energetische efficiëntie tegen 2020 met 20% te doen stijgen en om de uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 met 20% te verminderen ten opzichte van het referentiejaar 1990.

Deze doelstellingen werden vertaald in concrete voorstellen van de Europese Commissie en de Lidstaten in het Europese Klimaat/Energiepakket. Dit pakket omvat de volgende wetgevende voorstellen:

  • een voorstel van Richtlijn inzake hernieuwbare energiebronnen
  • een voorstel van Besluit met betrekking tot de verdeling van de inspanningen ter vermindering van de uitstoot van broeikasgassen
  • de herziening van de Richtlijn betreffende de uitwisseling van emissierechten voor de periode 2013-2020

Op Belgisch niveau bestaat de huidige doelstelling erin om tegen 2012 de uitstoot van broeikasgassen met 7,5 % te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990. In 2006 heeft België 136,97 miljoen ton CO2-equivalenten uitgestoten, een niveau dat 5,2% lager ligt dan in het referentiejaar (meer informatie is beschikbaar op de website http://www.climatechange.be/).

Het klimaatdossier behoort tot een gedeeld takenpakket tussen de federale overheid en de 3 gewesten. De federale overheid beschikt over belangrijke beleidsinstrumenten op het vlak van fiscaliteit en productbeleid. De gewesten zijn bevoegd voor het beleid rond rationeel energiegebruik (REG), hernieuwbare energie, milieuwetgeving en klimaataspecten in de domeinen mobiliteit, woonbeleid, industrie en landbouw. Coördinatieorganen opgericht zoals de Nationale Klimaatcommissie werden opgericht om het beleid van de federale regering en van de drie gewesten onderling op elkaar af te stemmen.

Op het vlak van de Belgische energiebalans is de primaire energieconsumptie tussen 1970 en 2005 gemiddeld met 0,9% per jaar gestegen. De fossiele brandstoffen, die alle geïmporteerd zijn, vertegenwoordigen 75% van de primaire energie. Kernenergie maakt voor 22% deel uit van de primaire energie. Het aandeel hernieuwbare energiebronnen in het totale primaire energieverbruik blijft dus zeer laag. Het is geëvolueerd van 1% in 1985 tot 3% in 2005. Er staan dus nog veel uitdagingen voor de deur om de nieuwe doelstellingen te kunnen halen die vermeld staan in het Europese Klimaat/energiepakket.