
Transport en mobiliteit
In België worden de transportmodi grotendeels gedomineerd door het wegtransport (93% voor passagiers, 71% voor vrachtvervoer, zonder rekening te houden met het internationaal maritiem transport en de luchtvaart). Tussen 1970 en 2003 is het aantal afgelegde kilometers op Belgische wegen meer dan verdrievoudigd: van 29 miljard naar 93 miljard (+ 217%).
De toename van het goederenverkeer is strikt verbonden aan het type economische activiteit. In België steunt de economie op productie en export van intermediaire of semi-afgewerkte goederen en op de invoer van grondstoffen en onderdelen. Daarenboven beschikt België over grote havens (Antwerpen, Zeebrugge), die niet enkel maritiem transport genereren, maar ook weg- en treinvervoer.
Volgens het verslag 2007 van de Nationale Klimaatcommissie vertegenwoordigde de uitstoot van broeikasgassen verbonden aan transport 18,4% van het totaal van de nationale uitstoot tijdens het jaar 2005. Het wegtransport alleen is momenteel goed voor 94% van de CO2-uitstoot uit de transportsector. De uitstoot door de scheepvaart en het treinverkeer draagt slechts zeer weinig bij tot de totale uitstoot in deze sector.
Het gebruik van fossiele brandstoffen door de transportsector is verantwoordelijk voor de uitstoot van broeikasgassen maar ook van andere stoffen, zoals stikstofoxide en zwavel, vluchtige organische stoffen en fijn stof, die zorgen voor andere vormen van vervuiling en voor veel gezondheidsproblemen.
In het algemeen, en met inbegrip van alle bronnen, is de uitstoot van stikstofoxide (NOx) in België tussen 1990 en 2002 met 15% gedaald, die van zwaveloxide (SOx) met 58% en die van koolstofmonoxide (CO) met 21%. Die dalingen zijn het resultaat van de snelle verbetering van de normen voor de uitstoot per kilometer van de voertuigen. Dankzij deze dalingen bestaat er in België de laatste 30 jaar een tendens naar een betere luchtkwaliteit, ten minste voor sommige vervuilende stoffen. Wat de uitstoot van broeikasgassen betreft, is de vooruitgang heel wat minder.
Niet alle hedendaagse evoluties zijn dus positief en de situatie blijft onrustwekkend, bv. wat ozon en fijn stof betreft.
Het maritiem transport en het luchtverkeer zijn eveneens verantwoordelijk voor de uitstoot van verontreinigende stoffen en broeikasgassen. Het luchtvervoer heeft per ton vracht een uitstoot van 200 keer meer broeikasgassen dan het maritiem transport. Het maritiem transport oefent ook andere soorten druk uit op de natuurlijke hulpbronnen, zoals bijvoorbeeld ontgassingen en risico's op maritieme ongelukken.
De ontwikkeling van een betrouwbaar en toegankelijk netwerk voor openbaar vervoer (kost en vertakking van het netwerk) beantwoordt eveneens aan een doelstelling die verband houdt met sociale rechtvaardigheid. Met name als men de kost bekijkt van het bezit en het gebruik van een individuele wagen maar ook met als doel aan iedereen toegang te verschaffen tot opvoeding, werk en vrijetijdsbesteding.
Tot slot mogen de verbetering van de verkeersomstandigheden, de ontwikkeling van een eerlijke toegang tot de mobiliteit en de overgang niet andere, minder vervuilende transportmodi ons niet doen vergeten dat toegankelijkheid niet hetzelfde is als mobiliteit. Een deel van de mobiliteit van personen kan ook “gedematerialiseerd” worden telewerk, car-pooling, car-sharing, enz.



RSS onderwerpen